Transvulcania, La Palma, 77,3 en 24,3km, 7 mei 2016
 Geen finish voor Edward, wel voor Vanessa
lapalma2016
Vorige jaar vierden ze een sportieve vakantie op Gran Canaria, dit jaar kozen ze voor La Palma. Dit keer komt ook Vanessa in actie. Voor Edward staat de ultra-marathon op het programma. Dat betekent: 74, 33km met 4,35km stijgen en 4,057km dalen. De 'halve' marathon van Vanessa omvat 24,3km met 2,097km stijgen en 689 meter dalen. Ga er maar eens voor staan!
Het ging Edward niet voor de wind. Hij is rond 60km gevallen en dat leverde hechtingen op en helaas geen finish. Beterschap Ed en hopelijk komen de wedstrijden verderop in het jaar niet in gevaar. Vanessa wist keurig te finishen. Klasse!
74,3 km netto
Edward Pechler (61,9 km) DNF (10:37:56)
24,3km
 
Vanessa Wuijster 4:36:39


Link naar de website
Transvulcania2016 klein

Dan is het opeens zwart, mijn hoofd voelt als een gong die, na een flinke klap, natrilt. Ik weet even niet meer waar ik ben.......
"Good thing you didn't end up over there"........

Lees verslagje van Edward>>>
"Waar zijn we mee bezig", denk ik nadat we in het donker bij de vuurtoren vertrokken zijn. Bijna 1600 deelnemers worden meteen een smal pad van vulkaanzand op gestuurd. Ik had al een vermoeden dat ik beter wat vooraan had kunnen starten maar dan had ik minstens anderhalf uur in het startvak moeten staan wachten op het startschot van zes uur. Daar had ik zo midden in de nacht geen zin in.

Ik leg me maar neer bij de optocht en wandel, in het donker, braaf mee omhoog. Er is zo vroeg al veel publiek op de been. Ik ben blij dat we dit jaar, de eerste 7 kilometer, geen stokken mogen gebruiken. Dat gaat nooit goed met deze drukte. Soms verlaat ik het pad en banjer door nog muller vulkaanzand om toch wat meer naar voren te "rennen". Tergend langzaam gaat het en al zou ik alle ruimte hebben, erg snel zou ik niet omhoog kunnen rennen in dit vulkaanlandschap. Als ik de eerste verzorgingspost in Los Canarios bereik begint het net licht te worden. Het is daar een groot feest, zoveel aanmoedigingen. Het nadeel van deze race is dat de eerste 50 kilometer hoofdzakelijk omhoog gaan en het veld zich daardoor nooit echt verspreid. Bij de stukjes die ik graag zou willen rennen voel ik me als een VW/Audi-rijder die wil inhalen op een drukke tweebaans 80 kilometer weg. Na een levensgevaarlijke inhaalactie ben je Ă©Ă©n auto opgeschoten en begint het "spelletje" opnieuw. Nooit kom ik in een lekker ritme.

De route is simpel en er zijn dan ook nauwelijks lintjes en bordjes te bekennen. Voor de La Palma gangers, het is de GR-131 route vanaf de vuurtoren in Faro de Fuencaliente naar Puerto de Tazacorte, met daaraan vastgeplakt een tocht door een rivierbedding en een mooie klim naar de finish in Los Llanos de Aridane. Ook het hoogteprofiel is simpel: klimmen van zeeniveau naar 2000 meter, dan afdalen naar 1400 meter, om vervolgens weer te klimmen naar 2400 meter. Dan de lange afdaling naar zeeniveau, waarna er nog een klim van 400 meter naar de finish volgt.

Ik passeer de finish van de halve marathon in 3:57 en ben verbaasd dat ik al vier uur onderweg ben. Als dit zo doorgaat moet een sub 12 uur finish er wel inzitten. Voel me nog niet moe van vooral het bergop gewandel. Ik heb medelijden met Vanessa die alleen dit stuk gaat lopen. Echt spectaculair kan je dit niet noemen. Bij dit soort wedstrijden kijken ze trouwens niet op een paar kilometer en de halve is dan ook officieel 24,28 kilometer. Nu komt er een stukje waar ik lekker zou kunnen rennen. Het pad mag dan breder zijn, maar het wordt opeens nog drukker. De hele marathon is net gestart. Die starten vanaf het halve marathonfinishpunt en volgen verder dezelfde route als de ultra.

Het uitzicht op La Palma is vooral mooi omdat je na 1000 meter al boven de wolken zit. Helaas is het in de ochtend erg mistig en zie je niets. Maar later klaart het op en lopen we over de vulkaanrand met een prachtig uitzicht op de wolken onder ons in de krater en in de verte Tenerife. Als ik na acht uur en vijfenveertig minuten Roque de los Muchachos, het hoogste punt op 2400 meter, heb bereikt, heb ik er 52 kilometer opzitten. Ik ben het klimmen nu wel zat en kapot van het voortdurend opletten op andere deelnemers. Alsof het terrein al niet genoeg aandacht vraagt. Het is hier druk met publiek net zoals op veel delen van de route. Ik eet behalve veel meloen, koude pasta met rode bieten en mais om daarna aan de urenlange afdaling te beginnen.

Het eerste stuk ken ik al en ik weet dat het goed renbaar is. Ik geef gas en roep: "Passar, Passar" wat volgens mij Spaans is voor passeren. De meesten gaan aan de kant maar het haalt je uit je ritme en voor je het weet hobbel je maar met de meute mee. Veel lager dan 1900 meter komen we eerst niet. Dan begint de echte afdaling. Een rete-moeilijke afdaling met overal scherpe losse stenen. De drukte maakt het nog moeilijker. Eigenlijk is het gewoon te druk. Ook hier lijkt het deelnemersaantal belangrijker dan een mooie race. Nu hoor ik veel "passar" achter mij. Veel deelnemers die ik heb ingehaald stormen mij voorbij. Jaloers kijk ik de kunst van het afdalen af en probeer ze na te doen.

Dan is het opeens zwart, mijn hoofd voelt als een gong die, na een flinke klap, natrilt. Ik weet even niet meer waar ik ben. Ik hoor Spaanse stemmen, open mijn ogen en zie stenen. Shit ik ben gevallen. Van de val herinner ik me niets. Mijn kaak bloed heftig. Meerdere lopers schieten me te hulp. Simon, een Filippijn die goed Engels spreekt, neemt de leiding en zorgt dat de andere lopers hun race vervolgen. Hij controleert mijn kaak en maakt de wond schoon met water. Gelukkig heb ik altijd WC-papier bij me. De pleisters die ik bij me heb zijn te klein, maar Simon heeft grotere. Ook mijn benen zijn beschadigd maar dat zijn vooral schaafwonden. Hij wacht totdat ik weer sta en vraagt of ik alleen de volgende post over 4 kilometer kan bereiken. Ik stel hem gerust en bedank hem voor zijn goede hulp en wens hem nog een mooie race.

Ik daal heel langzaam verder af want echt stabiel voelt het niet meer en ik moet aan Simons opmerking denken. "Good thing you didn't end up over there", zei hij terwijl hij naar de afgrond naast me wees. Maar wandelen gaat zo langzaam en ik heb al zoveel gewandeld, dat ik toch maar weer stukjes afdaling ga rennen. Mijn knie voelt pijnlijk maar ik kan er mee rennen. Ik voel ook dat ik een stukje tand kwijt ben. Ik weet het zeker. Ik ga die laatste 13 km niet meer lopen. Het is mooi geweest. Ik wil graag een beetje heel blijven voor Amerika. Bij de verzorgingspost op 61,9 km meld ik mij bij de eerste hulp. De dames vragen de dokter erbij en die is duidelijk: hechten. Ik versta geen Spaans maar volgens mij roepen ze er een dame bij, die het nog moet leren. Die mag op mij oefenen. Ze heeft er duidelijk zin in. Het gaat natuurlijk mis en na twee pogingen doet de andere meer ervaren dame het maar. Verder maken ze netjes alle wonden op mijn benen schoon.

Ik lever mijn chip in en probeer vervoer te regelen. Want deze verzorgingspost was donderdag de finish van de verticale kilometer. En daar gaat alleen een onverhard pad naartoe. Na wat overleg word ik door een Spanjaard, die als zovelen geen woord Engels spreekt, in een rammelende Jeep naar beneden gebracht.

Misschien moet ik maar wat kleinschaliger races opzoeken met iets meer renbaar terrein. Ik begin die optochten wel een beetje zat te worden. De deelnemers aantallen lopen uit de hand. Ik hoop dat de kleinschalige opzet van de Western States, met zijn meer renbare route, meer een race voor mij is.

Groet,
Edward.


Reacties (1) Geen reacties meer mogelijk
1 maandag 09 mei 2016 10:29
Peter
Een goed herstel.

Zie ook deze artikelen:
Nieuwere artikelen:
Oudere artikelen:

 
© 2000-2018  Loopgroep Bedum, webmaster Peter v.d. Hulst